Heel

Ik vraag me soms wel eens af hoe dat later allemaal moet gaan. En dat dat later eigenlijk al heel binnenkort is. Sterker nog, dat later is al begonnen en ik bak er geloof ik nog maar weinig van.

Wat ik bedoel? Nou, de existentiële vraag ‘wie ben ik dan nu’ dient zich toch wel een beetje aan. Wat mij betreft hoef je dat niet te zwaar op te vatten hoor, ik zie het een beetje als jezelf opnieuw uitvinden. En dat moeten we allemaal wel eens, toch?

Maar wat bedoel ik nu precies? Sorry als ik wat zoekend ben, maar dat is misschien wel symbolisch voor nu. Oke, even alles op een rijtje…. Uitgangspunten: alleenstaande ouder, 24/7 zorg voor de kinderen (die het nest -gaan- verlaten), fulltime werkend, blij met mijn leven.

Na al die jaren zorg krijg ik meer vrijheid en oh, oh, wat weten we allemaal goed wat we daarmee gaan doen, het is een beetje zoals het winnen van de loterij. Iedereen wil reizen, een villa kopen of zijn moeder een auto geven. In een eerdere editie van deze column had ook ik het nog over mijn voorzichtige stappen richting Nooit meer naar huis en dat het vooruitzicht van die vrijheid mij wel aanstaat. En dat is ook zo.

Maar waar ik me dus wel een beetje druk om maak, is het ‘heel zijn’. Want de afgelopen jaren waren opgedeeld in allemaal stukjes. Zo was er het werkstuk, het datestuk, het privéstuk, het opvoedstuk, het ‘langs-de-lijn’ stuk, het kookstuk etc. En nee, dat waren dus geen leuke mannen hè, dat waren taken, zaken en dingen. Taken en zaken die ik met verve uitvoerde, dingen die ik met plezier deed. Maar die ik niet kon verenigen in één leven. Ik voelde me vaak verscheurd als die stukken elkaar tegenkwamen. Bijvoorbeeld als ik een vriendje (toch een datestuk) had, maar die dus nooit mee naar huis nam (lees: in mijn privéstuk toeliet), want ja, kinderen. Daar was ik erg streng in, eigenlijk nog steeds, misschien wel een beetje op het overdrevene af. Maar mijn overtuiging dat mijn twee bloedjes niets te maken hadden met het liefdesleven van hun moeder heeft vooral heel veel rust en goeds gebracht. Tenminste, dat is mijn overtuiging.

Ik heb mezelf al die jaren in mootjes gehakt en dat is een way-of-life geworden. Dus zo hol ik nog steeds door het leven van vandaag. Rekening houdend met de belangen van iedereen om me heen, te vaak denkend ‘dat kan ik echt nog niet doen nu’, de dromen ver weggestopt want vooral niet lullen maar poetsen. En maar afbakenen.

Nu de vrijheid gloort, maakt het me dan ook ook een beetje angstig. Wat als die mootjes moten zijn geworden die niet meer te verhaspelen zijn? Hoe zeg je volmondig ‘ja’, zonder de automatische ‘maar’ in je gedachten? Zonder het argument van ‘kwetsbare kinderen op de achterbank’; zij zitten namelijk allang al op het juiste spoor, staan stevig in het leven en gunnen hun moeder iedere keer weer alles. Nee, ook deze bal ligt echt bij mij.

Zo moet je het dus toch iedere keer weer uit jezelf halen, je drive gebruiken om ook dit helende klusje te klaren. Zie je, daar ga ik alweer, het ‘ik moet’ stuk spreekt zich nog steeds graag uit.

Wie het weet, mag het zeggen.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Maak een gratis website of blog op WordPress.com.

Omhoog ↑

%d bloggers liken dit: