De hond van een kennis is overleden en dat deed mij denken aan de beestenboel hier in mijn huis. De gedachte dat onze hond ook een keer dood gaat is te moeilijk om te bevatten en laat ik voorlopig nog niet toe. En ook de twee katten hier in huis, in dit gezin, in mijn huishouden, bij dit hele Jan Steen gebeuren hier, ze zijn een met ons, met mij.
Miauwend, jankend, krabbend, storend, mijn plek innemend. Die kattenbak een dag te laat verschoond, het veel te dure speciaalvoer weer op, nog snel naar de dierenarts voor een nieuwe zak. Allemaal irritant, maar joh, wat houd ik van ze.
Ook vanwege de herinneringen. Ze zijn mijn verbinding met hoe ons gezin ooit was. Die twee poezen zijn nu 14 en 13 en we kregen ze toen we nog ‘heel’ waren: vader, moeder en twee jonge kinderen. Die twee kleine slimmeriken maakten een powerpointpresentatie om hun vader en mij over te halen om een kat te nemen. Met in bulletpoints de afspraken over de verzorging en voorzien van afbeeldingen van schattige kittens met kraaloogjes. En natuurlijk kregen ze hun zin, het gezin werd uitgebreid met twee zachte viervoeters, die al snel van mening waren dat wij het personeel waren.
En toen werd alles anders. De samenstelling van het gezin veranderde rigoureus door een scheiding. We lagen alle vier in stukken en moesten toch verder. En dat deden we. En hoe. Met vallen en opstaan werden we weer een verbeterde versie van onszelf. En die poezen, die deden heel gezellig mee.
Ze verhuisden twee keer, eerst naar een piepklein appartementje en later naar het huis waar ik nog steeds woon. Ze sliepen op de slaapkamers van de kinderen: de een op het hoofdkussen naast mijn zoon en de ander tussen de dekens bij mijn dochter. Toen mijn zoon het nest verliet, miauwde ‘zijn’ kat een paar dagen om vervolgens op het hoofdkussen naast mijn dochter te gaan liggen. En heel erg blij te knorren als mijn zoon weer even thuis was.
Nu ligt ze ’s nachts nog steeds op dat kussen, in een leeg bed, naast de plek waar mijn dochter sliep. En wanneer zij in de weekenden thuis komt, ligt ze naast diezelfde trouwe kat. Als mijn zoon en zijn vriendin er zijn, slapen ze op zolder. En wie ligt er dan ook op dat bed? Juist.
En dan de hond… zeven jaar geleden verrijkte ze ons cluppie en ze gaf meteen zoveel liefde, plezier en verantwoordelijkheidsgevoel aan mijn twee pubers. Onvoorwaardelijk. Ik heb wel eens een column over haar geschreven en daarin schreef ik dat we haar ook wel Bison hadden kunnen noemen, haar lijmkracht is ongekend.
Dus ja, als ik naar die diertjes kijk, dan zie ik niet alleen maar twee katten en een hond. Ik zie onze geschiedenis, ik zie mijn geluk en mijn verdriet, mijn keuzes, vragen en overtuigingen. Maar vooral zie ik mijn kinderen, van klein naar jong tot prachtige volwassenen.
Liefde op pootjes.
Geef een reactie